823021 :Taalwetenschap (D-vak t/m cohort 2014/2015)
(Linguistics)

Algemeen

Voertaal Nederlands
Werkvorm: Lectures (14 x 3 hours) (Collegerooster)
Tentamenvorm: Written exam, 2 papers (Tentamenrooster)
Niveau:Bachelor
Studielast:6 ECTS credits
Inschrijving:Inschrijven via Blackboard voor aanvang colleges
Blackboard informatieLink to Blackboard (Als u de melding 'Guest are not allowed in this course' krijgt, dient u nog bij Blackboard in te loggen)

Docent(en)


dr. M.B.J. Mos

V.A.Y. Verhagen MA


Doel van de cursus

Studenten leren allerlei basisfeiten over taal, met name over de onderdelen en bouwstenen waaruit taal bestaat (fonologie, morfologie, syntaxis), hoe taal betekenis heeft en krijgt (semantiek, pragmatiek) en de verscheidenheid aan talen en binnen talen in de wereld (taalvariatie, taaltypologie). Na deze cursus kunnen studenten definities en voorbeelden geven van kernbegrippen in deze deelgebieden van de taalwetenschap. Bij gegeven 'stukjes' taal (woorden, zinnen) kunnen ze onderdelen en functies identificeren en benoemen. Studenten kunnen op basis van voorbeelden die ze zelf in een corpusanalyse verzamelen beschrijven hoe varianten van het Nederlands van elkaar verschillen.

Studenten kunnen de belangrijkste uitgangspunten van twee verschillende benaderingen van taal (een cognitieve, usage-based benadering en een generatieve benadering) beschrijven en contrasteren. Ze kunnen voor beide theorieën aangeven wat de belangrijkste aandachtsgebieden zijn, hoe wordt gedacht over taalverwerving en taalgebruik.

In het dagelijks leven gebruiken we voortdurend taal zonder erbij stil te staan, en vrijwel altijd gaat dat goed. Als CIW-er is het handig om je meer bewust te zijn van hoe taal in elkaar zit en hoe taal werkt - of je nu iemand wil overtuigen, een marketingcampagne evalueert, of een webtekst schrijft. 

Studenten leren in dit vak allerlei basisfeiten over taal, met name over de onderdelen en bouwstenen waaruit taal bestaat (fonologie, morfologie, syntaxis), hoe taal betekenis heeft en krijgt (semantiek, pragmatiek) en de verscheidenheid aan talen en binnen talen in de wereld (taalvariatie, taaltypologie). Na deze cursus kunnen studenten definities en voorbeelden geven van kernbegrippen in deze deelgebieden van de taalwetenschap. Bij gegeven 'stukjes' taal (woorden, zinnen) kunnen ze onderdelen en functies identificeren en benoemen. 

Studenten kunnen de belangrijkste uitgangspunten van twee verschillende benaderingen van taal (een cognitieve, usage-based benadering en een generatieve benadering) beschrijven en contrasteren. Ze kunnen voor beide theorieën aangeven wat de belangrijkste aandachtsgebieden zijn en hoe wordt gedacht over taalverwerving en taalgebruik.

Studenten zijn bekend met een reeks onderzoeksmethodes die veelvuldig gebruikt worden in taalkundig onderzoek (zoals psycholinguïstische gedragsstudies, het meten van metalinguïstische oordelen, en corpusonderzoek). Ze kunnen aangeven wat voor soorten data de verschillende methodes opleveren, en gegeven een specifieke onderzoeksvraag zijn ze in staat een geschikte methode te selecteren en deze keuze te onderbouwen.

Studenten kunnen op basis van voorbeelden die ze zelf in een corpusanalyse verzamelen beschrijven hoe varianten van het Nederlands van elkaar verschillen. Ze kunnen een organisatie of bedrijf met verschillende doelgroepen hiermee adviseren of het nodig is om deze doelgroepen met aparte teksten aan te spreken of niet, en op welke punten deze teksten dan met name moeten verschillen. 


Inhoud van de cursus

De cursus begint met een introductie van taalwetenschap en de onderdelen van het vakgebied. In dit blok worden vervolgens de onderdelen van het taalsysteem voorgesteld (klanken, woorden, structuur) en de relaties met de verschillende disciplines in het vakgebied. In de colleges wordt ingegaan op de structuur van taal, waarbij ruim aandacht zal worden geschonken aan overeenkomsten en verschillen tussen het Nederlands en andere talen. Achtereenvolgens komen aan de orde: woorden (woordenschat, woordsoorten, woordvorming, samenstellingen en uitdrukkingen), zinnen (constituenten, grammaticale relaties en zinsdelen, enkelvoudige en complexe zinnen, woordvolgorde) en klanken (inclusief lettergrepen, klemtoon en intonatie). We bespreken diverse onderzoeksmethoden die gebruikt worden om de verschillende aspecten van het taalsysteem te bestuderen.

Het tweede deel van de cursus behandelt taalgebruik en taalgebruikers. We behandelen taalgebruik vanuit een individueel (taalverwerving, psycholinguïstiek) en een speech community (sociolinguïstiek, taalverandering) perspectief.
We bespreken twee belangrijke theoretische taalkundige stromingen: de Generatieve en de Cognitieve Taalkunde. In de colleges komen zowel vragen aan de orde over de objectieve kenmerken van taal (hoe zit een taal in elkaar?) als de theoretische verklaring van die kenmerken (waarom zit een taal zo in elkaar en niet anders?). Daarbij is er ruim aandacht voor de verschillen tussen de generatieve ('taal is aangeboren') en de cognitieve ('taal is aangeleerd') benaderingen als het gaat om verklaringen voor taalverandering, en hoe kinderen taal verwerven.


Bijzonderheden

Deze cursus maakt deel uit van de leerlijn Academisch Nederlands (http://vaardighedenfgw.uvt.nl/) waarin middels een individuele opdracht aandacht wordt besteed aan het lezen en begrijpen van wetenschappelijke artikelen, het schrijven van een wetenschappelijk verslag, en het verkrijgen van inzicht in het schrijfproces door het geven, ontvangen en verwerken van feedback. De taalvaardigheidsopdrachten zijn volgens het principe van 'content based learning'  geïntegreerd in de vakinhoud.

Om het vak te halen, moeten studenten een voldoende halen voor het tentamen en voor de grotere van twee individuele opdrachten; het overall gemiddelde moet ook een voldoende zijn. 
Het derde uur van ieder college is een interactieve werkvorm. Hier kunnen studenten oefenen in correct gebruik van taalkundige termen. Deelname  is niet verplicht, maar de gebruikte oefeningen sluiten direct aan op het tentamen. 


Verplichte literatuur

  1. Mcgregor, W., Linguistics; an introduction, Continuum, 2015 (second edition). Let op: nieuwe editie van het boek i.v.m. het voorgaande collegejaar
  2. Enkele wetenschappelijke artikelen (3-5)


Gewenste voorkennis

geen


Vereiste voorkennis

geen


Verplicht voor

  • Bachelor Algemene Cultuurwetenschappen: Leraar Nederlands(uitstroomprofiel onderwijs) ( 2014 )
  • Bachelor CIW: Bedrijfscommunicatie en Digitale Media ( 2015, 2016, 2017 )
  • Bachelor CIW: Human Aspects of Information Technology ( 2015, 2016 )
  • Bachelor CIW: New Media Design ( 2017 )
  • Bachelor CIW: Tekst en Communicatie ( 2015, 2016, 2017 )
  • Bachelor Communicatie- en informatiewetenschappen: Leraar Nederlands ( 2015, 2016, 2017 )
  • Online Culture: Leraar VHO in Nederlands ( 2015, 2016, 2017 )
  • Premaster Leraar VHO in Nederlands ( 2015, 2016, 2017 )


Mogelijk interessant voor

(18-jul-2017)